Tips voor het omgaan met thuistalen in het basisonderwijs
Door Griet Ramaut en Machteld Verhelst, CTO-medewerker
Steeds meer kinderen stromen het onderwijs binnen met een andere thuistaal dan het Nederlands. Hun thuistaal wordt echter meestal niet aangeboord als een bron voor leren. Van meertalige kinderen wordt verwacht dat zij de talige bagage die ze van thuis meebrengen, netjes voor de schoolpoort afzetten of op zijn minst diep wegstoppen in hun rugzak. De idee dat kinderen het Nederlands het best leren aan de hand van een taalbad, is een vanzelfsprekendheid die zelden in vraag wordt gesteld. Nochtans blijkt het huidige taalbadmodel, waarbij kinderen worden ondergedompeld in het Nederlands, ontoereikend voor heel wat anderstalige kinderen.
Door de thuistaal van kinderen een plaats te geven in het onderwijs, geef je kinderen niet alleen de kans om meer zichzelf te zijn op school en hun welbevinden te vergroten, het is ook een belangrijke hefboom voor het leren van het Nederlands en het ontwikkelen van andere schoolse vaardigheden. En je hoeft als leerkracht helemaal geen polyglot te zijn om hiermee aan de slag te gaan.
Hoe geef je de thuistalen van meertalige kinderen een plaats in je klas en school zonder zelf die talen te spreken en zonder de organisatie van het onderwijs te moeten veranderen? We geven hiervoor een aantal suggesties.